Annelies
Elke ochtend steekt onze collega Annelies Hoofmans de grens over. Niet alleen van België naar Nederland, maar ook van thuis naar een wereld vol zorg, aandacht en emotie. In De Willaert in Zundert begint haar dag tussen koffie, glimlachen en soms een knuffel van een bewoner. Al meer dan twintig jaar kiest ze hier voor mensen die haar nodig hebben, met volle overtuiging.
Annelies staat in de huiskamer van De Willaert. De waterkoker pruttelt zacht. Aan de grote tafel zit een bewoner te wachten op koffie. “Goedemorgen”, roept ze. Ze krijgt meteen een glimlach terug. Soms een knuffel. Soms een blik die alles zegt. Dit is haar werk. Al ruim twintig jaar. “De hele dag achter een bureau zitten? Dat zag ik mezelf niet doen”, lacht ze. “Toen ik als jonge scholier een keuze moest maken, wist ik zeker: ik zou later met kinderen gaan werken.” Ze start een opleiding kinder- en bejaardenzorg. Maar tijdens haar eerste stage loopt het anders.
“Ik was zeventien. Mijn eerste stage was met ouderen met dementie. Dat was in eerste instantie best pittig. Mensen overlijden. Je ziet verdriet. En je bent zelf nog zo jong. Maar ik voelde ook meteen: ik kan hier iets betekenen.” Dat gevoel laat haar niet meer los. “Ineens wist ik: dit past mij beter dan werken met kinderen.”
Werken over de grens? Gewoon doen!
Geen plan, wel een kans
Na haar opleiding werkt Annelies anderhalf jaar in België, in een kleine zorgorganisatie. Ondertussen zoekt ze naar een fulltime baan. Via via hoort ze over De Willaert, net over de grens. Ze solliciteert. Het gebouw van De Willaert is er op dat moment nog nauwelijks. Maar de plannen zijn er wel. “Het was voor mij geen bewuste keuze om in Nederland te werken. Het kwam gewoon op mijn pad”, licht ze toe.
Wat haar meteen aanspreekt in De Willaert is de manier van wonen voor de bewoners. “Bij De Willaert werk je in kleine woongroepen. Acht bewoners per groep, één grote huiskamer. En een keukentje. Het voelt voor mij als thuiskomen.” In België ziet ze deze opzet minder. “Ik vind die kleine groepen fijn. Je kent iedereen. Je komt echt bij mensen thuis. Dat blijft bijzonder.”
Van opstaan tot slapengaan
Annelies werkt met bewoners met psychogeriatrische problematiek. “Je bent de hele dag met iemand bezig. Je helpt ze met opstaan. Zoekt samen kleding uit. Helpt ze naar de badkamer. Soms moet je iemands wonden verschonen, of helpen bij de stoma. Het samenwerken met andere disciplines zoals een arts, psycholoog of ergotherapeut vind ik ook heel fijn. Daarmee kun je aan iedereen de juiste zorg geven.” Het werk vraagt geduld en aandacht van Annelies. “Het is prachtig werk: je kunt écht van betekenis zijn voor iemand. Maar je moet er wel voor gemaakt zijn”, zegt ze eerlijk. “Je werkt ook avonden, weekenden, feestdagen. En je krijgt te maken met verlies van mensen. Maar de waarde van dit werk weegt voor mij zwaarder dan dat alles.”
Omdat Annelies 36 uur per week werkt, kennen bewoners haar goed. Ze lacht: “Als ik een week vrij ben, hoor ik daarna: ‘Waar was jij?’ Ze hebben je dan echt gemist.” Soms reageren bewoners sterker op haar dan op hun eigen familie. “Soms zegt een dochter die op bezoek is: ‘Ons mam reageert niet altijd op mij, maar wel op jou!’ Dat raakt me. Dan besef je dat je echt iets voor de bewoners betekent.”
Verlies hoort erbij
In de zorg zie je mensen komen en gaan. “Mijn eerste overlijden tijdens mijn werk in België weet ik nog precies. Dat vergeet je als zorgverlener denk ik nooit meer.” Ook in Zundert bouwt ze banden op met bewoners. “Laatst overleed iemand die hier vijf jaar woonde. Dat doet iets met je. Hun familieleden komen hier thuis. Je kent de bewoner na zo’n lange tijd goed. Ja, dat raakt je wel.”
De coronatijd staat nog in haar geheugen gegrift. “In één week verloren we acht bewoners. Soms twee op een dag. We werkten van top tot teen in beschermende pakken. Buiten was het stil. Iedereen moest binnen blijven, maar wij gingen door. Die tijd zal ik niet gauw vergeten. Het was een grote belasting, maar we deden het met z’n allen. Met toewijding.” Na de dienst praten de collega’s samen over wat ze hebben meegemaakt. “Er zijn in die periode veel tranen gevloeid. Maar we vangen elkaar op in De Willaert. We werken met een heel warm team waarbij het niet alleen om werk gaat. De meeste collega’s kennen elkaar al jaren. Onze kinderen spelen samen. Dat vind ik mooi.”
Werken over de grens? Gewoon doen!
Tegen Belgische zorgcollega’s die twijfelen, is Annelies duidelijk: “Het is een kleine stap om in een buurland te gaan werken. Ja, je moet wat regelen. Je blijft grensarbeider. Denk aan belasting, BSN, CZ . En soms gebruiken ze hier andere woordjes.” Ze lacht. “Maar je past je vanzelf aan. Echt.” En of ze spijt heeft? Geen seconde. “Ik sta hier, bij De Willaert, elke dag midden in het leven van mensen. En soms ook bij het afscheid. Dat is zwaar. Maar vooral heel waardevol.”
